Werelds kerstfeest

Het is december, de maand van de feesten, de maand van snoepen, lekker eten en cadeaus. Kerst komt er weer aan. We gaan vieren dat Jezus zo’n 2000 geleden geboren is. Naast het kerkelijke feest gaan we thuis nog even rustig door met lekker eten, het liefst exotisch of chique, met gezelligheid en gezelschap, mooi gedekte tafels, eventueel wat versiering in het huis, een kerstboom en mooie kleding.

Dit jaar heb ik een probleem. En dat zit hem niet in het uitzoeken van gezelschap, of de gezelligheid. Het zit hem in het feest, de betekenis is mij duidelijk, maar de invulling en de uitvoering zet mij voor een probleem. Kerstfeest is bedoeld als een feest voor de wereld, vol verwachting van de verlossing van de wereld. Een feest van hoop. Maar meer en meer krijg ik de indruk dat dit niet het geval is. En dat ligt niet aan de ont-christelijking. Ik zal een voorbeeld noemen.

Veel langer dan ik christen ben, drink ik koffie volgens Fairtrade norm. De koffieboeren krijgen een menswaardige prijs voor hun product. Sinds dit jaar, met Pasen, is daar in ons huishouden Fairtrade chocolade bijgekomen. We kwamen te weten dat er binnen de cacaoproductie nog steeds sprake is van enige vormen van (kinder)slavernij. Dus komt de gewone chocolade niet meer het huis in, en daarbuiten proberen we er zo goed mogelijk rekening mee te houden. Deze beslissing heeft geleid tot afkickmomenten bij mijn vrouw en mij, want in veel producten wordt chocolade gebruikt.

Door deze ontdekking, doordat ik weet dat een moderne vorm van slavernij nog steeds bestaat, wordt het mij steeds duidelijker dat het westen (niet-christenen en christenen gezamenlijk) met hun welvaart een grote druk legt op het welzijn van de medemens. En dat zit niet alleen in eten en drinken. Als ik kijk in mijn kledingkast, zie ik daar kleding hangen uit Pakistan, Bangladesh, India, China. De zogenaamde lage lonen landen. Landen waar een 40-urige werkweek niet door de overheid geregeld is. Waar geen AOW bestaat, laat staan een ziektenkosten verzekering. Landen waar geen minimum loon is, noch een minimum leeftijd voor de arbeidskrachten, noch aandacht voor arbeidsomstandigheden. De ramp in een kledingfabriek in Pakistan (afgelopen september) is daar een voorbeeld van. Terwijl dat slechts één producent is van de ontelbare andere in de lage lonen landen.

Maar hetzelfde geldt voor het eten dat we met kerst op tafel gaan zetten. De aardbeien komen (waarschijnlijk) nog uit Spanje, maar de sperziebonen en sommige andere groenten komen uit Marokko, Soedan of Ethiopië. Die laatste twee landen ken ik door grote hongersnoden die daar nog wel eens heersen. Als westerlingen onttrekken we dus voedsel uit landen waar (chronisch) een tekort is. En daardoor krijg ik dus kortsluiting in mijn hoofd. Sperziebonen die wij hier kopen groeien op land, waar eigenlijk de lokale bevolking gebruik van zou kunnen maken. Maar kennelijk is het economisch aantrekkelijker om dit te gebruiken voor voedsel voor het westen, waardoor de lokale bevolking tekort komt.

En dat maakt mij triest. Kerst is een feest van vreugde, van genieten, van lol, plezier, schoonheid. Maar Kerst is ook een feest van verzoening met God. De herinnering aan de geboorte van Jezus, Zijn Zoon, is toch een reden om met de hele wereld een feest van vreugde te hebben. Met de arbeider die mijn spijkerbroek maakte (Bangladesh), of die mijn schoenen maakte (India), mijn sweater (ook Bangladesh), de oogster van de chocolade (Ghana), samen mogen wij toch dit feest vieren?

Ik weet, het lijkt een utopie. Het lijkt onmogelijk. Ik kan in mijn eentje er weinig aan doen. Toch? Of niet? Als ik kijk naar de ontwikkeling bij de Fairtrade koffie, dan zie ik dat het wel kan. Vroeger kon je deze koffie alleen kopen bij de Wereldwinkel. En dat was maar 1 merk met 1 soort koffie. Tegenwoordig kan je het zelfs al bij de Lidl kopen. Dus als het bij de koffie kan, waarom dan niet bij de andere producten?

Daarnaast mag ik ook geloven in een betere wereld. Tijdens Zijn leven verbeterde Jezus de wereld door zich te richten op diegene die in de marge leefden. Hierdoor Mag en kan ook ik verschil maken door mijn gedrag. Dus kan ik gaan denken om een seizoensgroente (bijv. spruitjes) op een feestelijke wijze klaar te maken. Ik hoef geen nieuwe kleren te kopen, maar kan mij eens tevreden stellen met de kleding die ik reeds heb; de H&M, de HEMA, Jeans centre eens links laten liggen. Ik kan beter gaan sparen voor kleding die door iemand gemaakt is onder goede arbeidsomstandigheden en tegen eerlijke betaling. Dat zal wel betekenen dat ik tevreden moet leren zijn met minder. Maar hierdoor kan mijn kerstfeest ook zijn kerstfeest worden, een wereldfeest van hoop op beter.

Michel Altorf-van der Kuil

Dit artikel verscheen op 7 december 2012 in het ND